VKFL

U gebruikt een verouderde webbrowser

Een verouderde browser kan ervoor zorgen dat gegevens op de pagina niet juist worden weergeven. Ook is het gebruik van een oude browser onveilig.

Wij raden u aan om over te stappen naar een modernere browser. Voorbeelden van moderne browsers zijn: Google Chrome, Mozilla Firefox en voor Apple, Safari.

Uw tuin van week tot week

Week 21

Even in de groentetuin.
De IJsheiligen zijn voorbij en dat betekent dat de kans op vorst bijna nihil. Het is dan nu ook de tijd dat men in de tuin tomaten, komkommers en paprika’s kan planten. Deze planten houden van warmte en daarom moet men op zoek naar een warme plek in de tuin. Een tunnelkas met een opening aan twee zijden is ideaal. De warmte van de zon kan bij de planten, er is frisse lucht en, niet belangrijk, ze zijn beschermd tegen de regen. De planten hebben wel een steun nodig. Daarvoor kan men tonkinstokken gebruiken, maar men kan ook een constructie bedenken waar touwen in vast gemaakt worden. Langs deze touwen kan men de komkommers en tomaten omhoog leiden. Voor paprika’s is deze constructie minder geschikt. Zij groeien meer in struikvorm en soms moet men met touwen voorkomen dat de scheuten uit elkaar vallen. Tomaten en komkommers houden van veel water en voeding. Men plant de komkommers en tomaten in goede potgrond vermengd met compost en om aan de voedselvoorziening tegemoet te komen mengt men er wat organisch voeding doorheen. Toch is het belangrijk ervoor te zorgen dat de wortels niet in het water blijven staan. De grond moet goed gedraineerd zijn en in potten moeten gaten voor de afwatering zitten.

img

Eindelijk vrij zonder angst!
Ook voor de kuipplanten zijn de lange donkere dagen in het winterkwartier voorbij. Ze kunnen naar buiten, maar week 21 (21 tot en met 28 mei) zal zeer zonnig verlopen en dat betekent dat de bladeren van de planten snel kunnen verbranden. De straling is te sterk voor de weke bladeren en dus moet er gezocht worden naar een plek in de schaduw. De gewenningsperiode duurt onder deze omstandigheden toch wel een week of drie. Kuipplanten die men in de volle grond wil planten moeten nog even wachten. Laat ze eerst in de kuip aan het zonlicht wennen.

Wel of niet in de volle grond:
Uitplanten in de volle grond kan, maar het weer oppotten in de herfst is een zwaar karwei. De wortels hebben hun weg gezocht in de grond en dat betekent dat het uit de grond halen een zwaar werk is. Dat planten in de volle grond beter groeien dan in een kuip is een feit, maar men kan een compromis zoeken. Maak geen gaten meer in de bodem, maar boor vele gaten in de zijwand van de kuip. De wortels zoeken zich een weg door die kleine gaatjes en omdat de gaatjes klein zijn kunnen de wortels ook niet erg dik worden. Toch hebben de planten de mogelijkheid de benodigde voedingsstoffen uit de grond te halen. Het uit de grond halen in de herfst is nu een stuk makkelijker. Met een scherpe spade steekt men in de herfst langs de kuip en men kan de kuip makkelijk uit de grond tillen. Veel wortels blijven binnen de kuip en de overwintering is makkelijker. Vooral Brugmansia’s hebben de neiging flink uit te groeien als ze in de volle grond staan.

img

Ook zij naar buiten:
In de voorbije twee weken zijn er al veel zomerbloeiers in bakken en kuipen geplant. Dat kon ook omdat de temperatuur dat toeliet. Pelargoniums, fuchsia’s, petunia’s, bacopa’s en nog veel meer zomerbloeiers staan reeds in bakken op het balkon of hangen ergens aan de muur of pergola. Belangrijk is de vraag of ze op de goede plaats staan. Pelargoniums en petunia’s houden van de zon, maar hebben dan wel regelmatig water en voeding. In een omgeving met halfschaduw voldoen ze onvoldoende. Fuchsia’s en knolbegonia’s daarentegen houden niet van de zomerzon en verkiezen een plaats in de schaduw of halfschaduw. Belangrijk is dat men bij de aankoop op het etiket kijkt op welke plaats de plant het beste kan staan.

Vruchtval:
De weersomstandigheden in april en mei waren van dien aard dat veel bloemen van vruchtbomen bevrucht zijn. Wanneer er te veel vruchten aan de bomen hangen is dat slecht voor de kwaliteit. De vruchten blijven klein en door de massa krijgen ze ook niet de juiste kleur. Soms grijpt de natuur zelf in en laten appel- en perenbomen zelf een aantal vruchten vallen. Dat gebeurt meestal in juni. Ze zijn dan in de rui. Is dat niet het geval, dan zal men de bomen een beetje moeten helpen. Bij hoog- en halfstambomen is dat moeilijk, maar bij bomen tot twee of drie meter is dat geen probleem. Men plukt een aantal appels en peren lang voordat ze rijp zijn en daardoor krijgen de andere vruchten de kans om dikker te worden. Ook de zuilbomen die op het terras staan kan men in juni van een aantal vruchten dat te veel is ontdoen. Ook kersenbomen en pruimenbomen kunnen te veel vruchten dragen. Het teveel aan pruimen kan men verwijderen, maar ook hier komt rui voor.




Week 20

Naar buiten:
Eindelijk is het dan zover: de zomerbloeiers kunnen naar buiten. De IJsheiligen Mamertus, Pancratius, Servatius en Bonefacius zijn voorbij. Dat betekent echter niet dat de zomerbloeiers zomaar naar buiten kunnen. Dat kan alleen wanneer het enkele dagen bewolkt is. De planten moeten eerst afharden. Ze moeten gewend raken aan de lagere buitentemperaturen en aan de straling van de zon. Ook de kuipplanten kunnen nu verlost worden uit hun ongunstige winterkwartier en weer genieten van de frisse lucht. Ook voor deze planten geldt: eerst afharden. Zelfs de orchidee Cymbidium kan nu naar buiten en op een schaduwrijke plaats de zomer doorbrengen. Door het verstrekken van Culterra kunnen de Cymbidiums weer nieuwe krachten opdoen voor een mooie bloei in de winterperiode. Zorg er wel voor dat de Cymbidiums op een niet te natte plaats staan, want dan sterven de wortels af.

Ik heb ze weer gezien!
imgTijdens het toppen van de fuchsia’s in mijn tuin kwam ik hem in levende lijve weer tegen: de taxuskever. Eigenlijk vreemd, want de gegroefde lapsnuitkever, zoals hij genoemd wordt, leidt overdag een teruggetrokken bestaan. In het vroege voorjaar heb ik 48 hangpotten leeg kunnen maken omdat de planten geen wortels meer hadden. En nu, bijna half mei is de snuitkever weer actief. Veel camelliabladeren en zelfs fuchsiabladeren hebben weer die golfvormige inkepingen die door de kever veroorzaakt worden. Deze vraatschade is gering vergeleken met de schade die de larven aanrichten. Wist u dat een kever in een seizoen wel 600 eieren kan leggen en dat dat kan gebeuren zonder paring? Hoe voorkom ik schade? Dat kan gebeuren door gebruik te maken van parasitaire aaltjes. Die kan men via een tuincentrum bestellen. Op de verpakking staat omschreven hoe men de nematoden daadwerkelijk kan inzetten. Belangrijk is dat men na het inzetten de grond vochtig houdt. Ervaringsfeit!


Ook gespot:
Op de steel van mijn schop landde een mooi, langwerpig rood kevertje. De rug van het beestje was rood, maar de rest, kop, poten en buik waren zwart. Op het moment dat ik met mijn hand richting het beestje ging liet het zich vallen en kwam in het gras img terecht en bleek onvindbaar. Dezelfde dag belde een kennis met de vraag wat er toch aan de hand was met de eens zo mooie lelies van zijn moeder. In een bestek van enkele dagen waren de planten veranderd in een vieze planten met overal hoopjes “drek” De veroorzaker van deze ellende was het leliehaantje. Dit beestje legt zijn gele eitjes op de onderkant van de leliebladeren en al snel ontwikkelen zich daaruit oranjerode larven die, om groot te worden en te kunnen verpoppen zich tegoed doen aan de bladeren van de lelies. Zij maken er een echte puinhoop van. Is een aanval te voorkomen? Het antwoord op deze vraag is kort en krachtig: Nee. De enigste manier om erger te voorkomen is de lelies goed in de gaten te houden en alle leliehaantjes proberen te vangen, hetgeen al een hele opgave is. Ook in de natuur zelf zijn er geen vijanden. De eventuele insecteneters worden door de rode kleur al gewaarschuwd het beestje met rust te laten. Bovendien lusten de insecteneters geen leliehaantjes. Een mogelijke bestrijding levert het biologische middel Pyrethrum vloeibaar.

Ook planten ervaren stress:
In veel tuinbladen wordt gemeld dat ook een aantal kamerplanten de zomer in de tuin kan doorbrengen. Ze worden dan verlost van de droge, onfrisse lucht in de huiskamer. Dat mag wel zo zijn, maar de verandering levert de planten ook weer de nodige stress op. Ze moeten zich aanpassen aan de nieuwe omstandigheden. Dat hoeft geen probleem te zijn wanneer men de planten goed verzorgt: op tijd water, op tijd voeding, niet in de felle zon enz. Het is dan niet zo dat men ze buiten kan zetten en denken dat dat wel genoeg is. Dankzij de goede verzorging zullen de planten de stress overwinnen, maar dan volgt na enkele weer een periode van stress. Buiten wordt het te koud en de planten moeten weer terug naar de huiskamer. Weer aanpassen aan . nu vaak ongunstige omstandigheden en weer een periode van stress. Ook nu zijn de planten alleen maar in conditie te houden door ze op de juiste manier te verzorgen en op die manier de stress te verminderen. Stress verhinderen is mogelijk, maar alleen door een op de planten gerichte verzorging.




Week 19

img

Even voorzichtig:
Onder de notenboom in mijn tuin bloeien de Lelietjes-van-dalen. Het is een bosplant, maar op een schaduwrijke plaats in de tuin bloeit het Lelietje-van-dalen ook. Dat komt omdat de plant weinig eisen stelt. De sneeuwwitje klokjes zijn aanwezig in de maanden mei en juni. De bloemen verspreiden een heerlijke geur. Dat is het verraderlijke aan de plant. Kinderen worden door de vorm en de geur gelokt om ze te plukken, maar dat kan gevaarlijk zijn omdat de plant in alle delen giftig is. Giftig is ook de Goudenregen. Na de prachtige bloei verschijnen de peulen met daarin de zaden. Ook deze zijn giftig voor mens en dier. Een derde voorjaarsbloeier die giftig is is de brem. Deze komt niet zo vaak voor in onze tuinen, maar vakantieliefhebbers die de Eifel in trekken kunnen genieten van de mooie bloemen en de late vakantiegangers komen de peulen met hun zaden tegen. Natuurlijk hoeft men deze platen niet uit de tuin te weren. Daarvoor zijn ze te mooi. Belangrijk is dat men kinderen leert omgaan met deze en andere giftige planten.

Bloei zet niet door:
Het komt wel eens voor dat rododendrons niet willen bloeien. Dat kan twee oorzaken hebben. Door een lange droogte periode in de zomer kan het gebeuren dat de na de bloei gevormde knoppen verdrogen en dus in de zomer niet meer open gaan. DE mindere bloei kan ook veroorzaakt worden door de rododendroncicade. Dit langwerpige groene beestje met rode strepen legt in het begin van de zomer de eitjes in de pasgevormde knoppen. De larven voeden zich met de knoppen en zorgen ervoor dat de knoppen niet open gaan. De cicaden leven hoofdzakelijk onder de bladeren, maar op een warme dag verschijnen ze ook op de bladeren. Wanneer men de tak aanraakt ziet men de beestjes meteen verdwijnen. Voor de hobbytuinder is tegen dit insect geen bestrijdingsmiddel beschikbaar.

img

Uitstekende groeier op de composthoop.
Tijdens open tuindagen in de zomermaanden ziet men vaak op de composthoop op een achteraf gelegen plek een slingerend gegroeide plant. Het is vaak een pompoensoort. De snel kiemende zaden worden gezaaid in april en wel een zaadje per potje. Pas na de IJsheiligen kunnen de planten op de composthoop geplant worden. Ze groeien echter niet alleen op composthopen, maar ook op goed bewerkte grond. In de particuliere tuin is de composthoop de ideale plaats omdat er door de vertering van het plantaardige afval warmte vrij komt en daar maakt de pompoen gebruik van. Bovendien bevat zo’n composthoop heel veel voedingsstoffen en wanneer de plant eenmaal haar wortels uitgeslagen heeft nemen deze veel voedingsstoffen op en volgt er een snelle groei met aan het einde van de zomer/begin herfst heel veel pompoenen. Pompoenen zijn er in vele soorten en maten en het is aan de liefhebber de keuze wat hij/zij met het product wil doen: alleen voor sieraad of alleen in de keuken of allebei.

Planten toppen:
Veel plantenliefhebbers hebben graag compact groeiende planten, maar weten vaak niet hoe men de planten zover kan krijgen. De planten die men koopt zijn compact, maar dat is niet hun natuurlijke groei. Deze planten zijn behandeld groeiremmers en pas wanneer deze uitgewerkt zijn nemen de planten weer hun natuurlijke groeihouding aan. Het toppen van planten kan ook op een mechanische manier( = handmatig met een scherp schaartje) gebeuren en dat is ook nog milieuvriendelijker. Moeilijk is het niet. De meeste fuchsia’s en kuipplanten worden getopt in hun groeifase. De afstand tussen de plaatsen waar de bladeren groeien noemt men internodiën. Door de top uit de scheut te halen na twee of drie internodiën verplicht men de plant nieuwe bloeischeuten te maken. Door dit bij flink groeiende fuchsia’s en kuipplanten (maar ook ander planten) toe te passen tot half mei zorgt men ervoor dat men compacte planten krijgt en omdat de planten gedwongen zijn meerdere scheuten te maken krijgt men ook meer bloemen. Na half mei is het toppen niet meer nodig. Zou men te lang doorgaan, dan krijgt men weinig of geen bloemen.




Week 18

En toch gaan ze dood……
Zoals reeds eerder gemeld zijn ze er weer: de buxusrupsen. Het bestrijden ervan is moeilijk, maar die mooi geknipte struik in pot of kuip is gemakkelijk rupsvrij te krijgen. De jonge rupsen verdragen moeilijk grote hitte en juist hierdoor zijn ze tot de dood gedoemd. Hoe? De truc is niet zo moeilijk uit te voeren en in korte tijd zijn de aanwezige rupsen in de buxusstruik dood. Nodig is een zwarte plastic zak of een stuk zwarte folie waar de hele buxusstruik (exclusief pot) in past. Zwart heeft de eigenschap warmte aan te trekken en onder de zwarte folie stijgt de temperatuur tot grote hoogte en in korte tijd zijn de buxusrupsen dood door de grote hitte. Natuurlijk moet het geheel pal in de zon staan om zoveel mogelijk zonnestralen te vangen. En de buxus zelf? Die kan zonder problemen regen de hitte, maar men moet ervoor zorgen dat de wortelkluit voldoende vochtig is. In de donkere ruimte vindt ontzettend veel verdamping plaats en dat is tevens voldoende koeling voor de buxusbladeren. Dood gaan alleen de rupsen en niet de aanwezige eitjes. Deze kunnen de hitte verdragen en daarom is het raadzaam deze truc na een tiental dagen te herhalen.

Knotten:
img Een zeer vroege bloeier in de tuin is Prunus triloba, beter bekend onder de naam Amandelboompje. In veel kleine tuinen is deze boom in het voorjaar met zijn uitbundige bloei te bewonderen. Het is eigenlijk een ent van een struik die op een onderstam gezet is. De bloei vindt plaats in maart/april. Het weer speelt een belangrijke rol. Aanvankelijk leek het erop dat dit jaar de bloei laat zou zijn, maar door de warme dagen in april bloeide de struik op normale tijd. Helaas was de plant ook weer snel uitgebloeid en ook dat was een gevolg van het warme weer. De bloemen verschijnen aan de jonge scheuten en wil men elk jaar kunnen genieten van de mooi gevulde bloemen dan moeten alle scheuten verwijderd worden tot op de entplaats. Hierdoor ontstaat in de loop der jaren een verdikking en uit die verdikking groeien al gauw na de snoei de nieuwe scheuten waaraan het volgend jaar de bloemen verschijnen. Soms hebben enkele scheuten last van de verwelkingsziekte en het is dan ook noodzaak deze meteen te verwijderen. Ook de scheuten die aan de stam of uit de wortels komen moeten verwijderd worden daar zij alleen maar bladeren produceren.

Mei koud en nat vult de schuur en ook het vat.
img De meeste dagen van week 18 vallen in mei. Er is in mei veel werk in de tuin en op het land te verrichten. Wanneer we dan letten op het weer hoeft dat niet in overeenstemming van de verwachtingen van de burgers te zijn. De meeste mensen verlangen naar zon en warmte, maar de natuur stelt andere eisen. In de tuin en op de velden groeien planten die verlangen naar water, veel water want de groei vraagt dat. De vruchten op het veld, het gras in de weilanden, de groeiende planten in de tuin en in de moestuin moeten opbrengst leveren om mens en dier in leven te houden. De weerspreuken hebben tegenwoordig niet meer zo’n belangrijke functie. Vroeger werd er rekening gehouden met de weerspreuken, maar tegenwoordig zaait en plant men wanneer men het weer geschikt acht. Men heeft nu meer mogelijkheden om de planten te beschermen. (vliesdoek, beregenen,) Voor de gewone burgers geldt: “In mei niet klagen wanneer het weer niet overeenkomt met dat wat men graag wil”, want door gunstig weer voor de vruchten profiteren we er later van.

Welke potgrond?
In tuincentra en bouwmarkten worden vele potgronden te koop aangeboden. Het aanbod is zo groot dat men door de bomen het bos niet meer ziet. Het is nog steeds tijd om planten te verpotten of op te potten, maar in welke grond? Een goede raad: Maak de keuze zelf niet zo moeilijk. Kies een universele potgrond d.w.z. een potgrond met een losse structuur, een goed water doorlatend vermogen en met voldoende voedingsstoffen. Wanneer men een handvol potgrond neemt, er een bol van knijpt en deze weer loslaat moet de bol uit elkaar vallen. Is dat het geval dan heeft men goede potgrond. De reuk kan ook een indicatie zijn. Ruikt de potgrond naar verterende schors in plaats van naar verterend witveen dan heeft men te maken met een slechte kwaliteit. Enkele planten hebben de voorkeur voor een andere potgrond. Tomaten, rozen, citrusplanten, azalea’s , rododendrons, orchideeën vragen een eigen potgrond.




Week 17

Een gezonde start:
Week 16 was warm en droog. Dat is geen goed weer voor het zetten van planten in de volle grond. Toch is een goede start belangrijk. Het maken van wortels is een belangrijke bezigheid om in de zomer goed te kunnen bloeien en daarom moeten de nieuwe planten over voldoende water beschikken. Wanneer de weergoden niet meewerken moeten de tuinliefhebbers zelf bijspringen en zorgen dat de planten voldoende water krijgen. In het beginstadium wordt de basis gelegd voor gezonde planten in de zomer. Planten met voldoende wortels kunnen een droogte periode in de zomer beter overleven.

Een gevaarlijke start:
In de eerste weken van april leefden we wat het weer betreft boven onze stand. De temperaturen waren hoog en daardoor liepen vele planten de opgelopen achterstand van de koude periodes in februari en maart weer in. Voor veel liefhebbers van zomerbloeiers een sein dat de zomerbloeiers al imggeplant kunnen worden. In de tuincentra was al volop keuze, maar toch is het oppassen geblazen. Planten die in de lente bloeien zijn bestand tegen lage temperaturen. Zelfs vriestemperaturen doen hen geen kwaad. Anders is dat bij de zomerbloeiers. Zij zouden eigenlijk pas na half mei naar buiten kunnen. De IJsheiligen zijn dan voorbij. Veel zomerbloeiers vinden hun oorsprong in de tropen en zijn niet gewend aan ijzige wind en vorst. Bekijk bij het plan om te kopen eerst even naar de veertiendaagse weersverwachting en bepaal dan of men het risico kan nemen.

Van bloem tot bloem:
Afgelopen weekend werden in Nederland de bijen geteld. De meeste planten zijn afhankelijk van deze beestjes en het is dan ook belangrijk dat ze in grote getale aanwezig blijven in onze tuinen. De bloemen van kersenbomen, appelbomen, perenbomen, perzikbomen zijn heel zacht, maar ze kunnen veel grillen van de natuur verdragen. Koude, sneeuw, regen, zonneschijn kunnen ze verdragen, maar een leven zonde bestuivers is ondenkbaar. Tijdens een koude periode blijven ze in hun kasten, maar waar waren ze tijdens de warme periode in de eerste weken van april? Het aantal bijenkasten is in Nederland door diverse oorzaken sterk afgenomen. Dat kunnen we keren door planten in onze tuinen te zetten die veel nectar produceren. Belangrijk is ook dat we zo weinig mogelijk gebruik maken van gewasbeschermingsmiddelen.

img

Kies de juiste meststof:
Heel veel verdord materiaal wordt uit de border verwijderd en met dat verdorde materiaal verdwijnt ook veel voeding, immers om te kunnen groeien hebben de planten veel voedingsstoffen uit de grond gehaald. Belangrijk is dat deze voedingsstoffen weer aangevuld worden. Voor een rijkbloeiende en gezonde tuin is de juiste bemesting belangrijk. Een uitstekende activator is koemest. De bacteriën worden aan het werk gezet en produceren voedsel voor de planten. Het gebruik van meststoffen met een hoog stikstof en of fosforgehalte valt af te raden. Deze meststoffen zorgen wel voor een flinke groei, maar uiteindelijk zijn de planten slap, zijn ontvankelijk voor ziektes en produceren weinig bloemen. Een meststof met een hoog kaliumgehalte is goed voor de meeste planten. Kalium regelt het gebeuren in de planten en zorgt voor stevigheid en mooi gekleurde bloemen.

Clematissen aanbinden:
Door het warme weer van de voorbije weken zit de groei er bij clematissen al weer goed in. Houd de planten in de gaten, want ze groeien zo snel dat ze omvallen en over de grond verder groeien. Door ze op tijd op te binden blijven de planten aan hun steun vast. Dat opbinden is een werkje dat met de nodige voorzichtigheid moet gebeuren. De scheuten zijn zeer gevoelig en breken snel.

img

Leliehaantje:
In mijn kas staan de lelies al in de knop. Het is nu zaak om deze elke dag te inspecteren want ik heb een hekel aan een diertje dat er mooi van kleur uitziet, maar eigenlijk een wolf in schapenkleren is. De knalrode beestjes verpesten heel vaak de mooie lelies. Nog te zwijgen van de poep die op de bladeren te vinden is. De eens zo mooie lelie wordt al gauw een karikatuur. Dat geldt ook voor de Fritillaria’s in de tuin.




Week 16

Markeer de plantplaats.
Veel zomerbloeiende bloembollen kunnen nu in de volle grond geplant worden. Dahlia’s, gladiolen, anemonen, lelies en fresia’s kunnen nu in de volle grond aan hun werk beginnen. Een vorstbescherming is nu niet meer nodig. De grond is nu al zover opgewarmd dat de bescherming niet meer nodig is. Dat geldt echter niet voor planten die voorgetrokken zijn. Wanneer men deze in de volle grond plant is het verstandig vliesdoek bij de hand te houden om de jonge scheuten te beschermen. De plantplaats zal na enige dagen niet meer zo goed zichtbaar zijn en daarom is het verstandig de plantplaats te markeren. Dat voorkomt dat men de jonge scheuten af schoffelt of omver loopt wanneer men de grond wat wil losmaken. Verstandig is het om bij hoog opgroeiende planten meteen een tonkin stok te plaatsen, zodat de plant op tijd aangebonden kan worden.

img

Ze wachten de volle bladertooi niet af.
Door de hoge temperaturen en de neer vallende regendruppels reageert de natuur meteen. Tijdens een wandeling langs de bosrand staan ze te pronken, de vroege bloeiers. Speenkruid, sleutelbloem, bosanemoon geven de nog kale bosrand al wat kleur. Ze moeten wel op tijd zijn, want onder een gesloten bladerdak is het voor hen te donker om tot bloei te komen. Ze bloeien dus voordat de bomen hun bladeren hebben en wanneer ze uitgebloeid zijn trekken ze zich terug in de grond. Tijdens de bloeiperiode slaan ze voldoende voedsel in de bollen of knollen op om de zomer te overleven en in het volgende voorjaar weer actief te worden.

Houd het droog en schoon:
Het nieuwe groeiseizoen in de moestuin en in de bloementuin is reeds in volle gang en daarmee ook de activiteit van slakken. Neem enkele maatregelen om de kostbare planten te beschermen tegen deze vraatzuchtige, niets ontziende plaaggeesten. Slakken geven de voorkeur aan donkere, vochtige ruimtes. Nu in het voorjaar is het zaak oude bladeren op te ruimen, want daaronder hebben de slakken een ideale schuilplaats. Wanneer men jonge planten geplant heeft is het zaak deze aan te wateren in de morgenuren, zodat de grond rondom de planten tegen de avond opgedroogd is. Het helpt ook wanneer men koffiedrab rondom de planten strooit. Een ernstige plaag kan men proberen te onderdrukken door het gieten van nematoden.





img

Compost op het gazon:
In compost zitten veel voedingsstoffen die de planten kunnen gebruiken. Belangrijk bij het uitstrooien van compost is dat de compost rijp is. Dat wil zeggen dat alle organische materialen goed verteerd zijn. Rijpe compost kan men over het gazon uitstrooien maar dan moet deze wel goed ingeharkt worden. Ook over de border kan compost uitgestrooid worden en wanneer er weinig planten staan is deze goed met de grond te vermengen. Rijpe compost krijgt men alleen maar wanneer men de composthoop enkele keren omzet, zodat niet verteerde resten ook middenin de hoop komen en goed kunnen verteren. Langzaam verteren gras en bladeren en het is dus belangrijk deze goed in de composthoop te krijgen.

Laat ze nog even staan:
Ik weet het. Het is geen fraai gezicht al die verleppende bladeren van de voorjaarsbloeiers in de tuin, maar toch is het nodig ze nog even te laten staan. Zaadstengels kan men zonder meer verwijderen. Zij vragen te veel energie van de planten, maar de rest moet langzaam afsterven. Die rest zorgt voor productie van voedingsstoffen die in de bollen en knollen worden opgeslagen zodat de planten in het volgende voorjaar weer volop kunnen bloeien. De bladeren kunnen pas verwijderd worden wanneer ze helemaal afgestorven zijn. Dan is hun functie ten einde. Staan de planten in de weg, dan kan men de pollen na de bloei uitgraven en op een andere plaats weer in de grond zetten, zodat ze verder kunnen gaan met de vorming van voedingsstoffen. Tulpen, hyacinten, krokussen, blauwe druifjes, keizerskronen zullen u volgend jaar belonen voor de acceptatie van de verdorrende bladeren.




Week 15

Vaste planten delen:
Veel vaste planten kunnen nu gedeeld worden. Dat geldt zeker voor de laat bloeiende soorten zoals herfstasters. Ze kunnen het best geplant worden in de herfst, zodat ze een flink wortelgestel kunnen ontwikkelen voordat de winter komt. Oudere struiken , waarvan het midden gedeelte vaak dood is kunnen nu in het voorjaar uit de grond gehaald worden en gedeeld worden. Dat afsterven van het middengedeelte vindt plaats als de planten oud zijn, Elk jaar groeit een gedeelte rond de plant aan en het midden gedeelte wordt kaal. Door te delen en te herplanten blijven de planten fit en gaan weer stevige pollen vormen. Dit delen van planten is de eenvoudigste manier van vermeerderen en men kan andere plantenliefhebbers met de overtollige delen een plezier doen.

img

Ze zijn er weer: de buxusmot en dus ook de buxusrups:
Door het warme weer van de laatste dagen zijn heel veel dieren weer actief geworden. Sommige dieren zijn van harte welkom, maar dat kan men niet zeggen van de buxusmot. Het is wel een mooie vlinder met zijn witte vleugels en een bruine rand, maar de nakomelingen maken van veel mooie buxusplanten karikaturen. Het is nu tijd de buxus te controleren op de aanwezigheid van rupsen. Is dat het geval, dan moet men meteen maatregelen nemen. De eerste klap is een daalder waard. Probeer die eerste generatie meteen te doden. Dan voorkomt men dat er zich meerdere generaties tussen april en september ontwikkelen. De meest arbeidsintensieve, maar ook de meest milieuvriendelijke methode is het vangen van de rupsen. Maar wanneer men veel planten heeft is dat een heidens karwei. Een adequaat middel tegen rupsen is Decis, een middel dat nog vrij in de handel te verkrijgen is, ook voor particulieren. Werken met een bestrijdingsmiddel vraagt nauwkeurigheid en het toepassen op het juiste moment. Decis werkt alleen wanneer men de rups raakt en het is raadzaam de bespuiting na tien dagen te herhalen.

Kuipplanten en fuchsia’s afharden:
Veel plantenliefhebbers kunnen de verleiding niet weer staan om hun kuipplanten uit de winterberging te halen en buiten neer te zetten. Bij dit weer is dat een goed streven, maar men moet met enkele dingen rekening houden. Zet de planten die uit welke berging dan ook komen niet meteen in de zon, want daar kunnen ze niet tegen. Houd bovendien het weer in de gaten, want wanneer het gaat vriezen moeten de planten weer naar binnen of goed afgedekt worden. Houd met deze gegevens ook rekening wanneer u planten koopt in een of ander tuincentrum. Het zijn planten die in een kas gekweekt zijn en dus uiterst teer zijn. Is de temperatuur ruim boven het vriespunt is kunnen deze planten ook op een beschutte plaats buiten afharden, maar houd het weer in de gaten.

Help uw groter wordende vaste planten:
Sommige vaste planten groeien in een seizoen zo hoog dat ze steun nodig hebben. Zijn ze eenmaal zo groot, imgdan is het plaatsen van een steun meestal te laat. Zet er al vast steunmateriaal bij als de planten nog klein zijn. De eenvoudigste steun bestaat uit een drie- of viertal tonkinstokken die rond de plant in de grond gestoken worden. Dat ziet er aanvankelijk niet zo mooi uit, maar later heeft de plant en uzelf er voordeel van. Men kan de plant vanaf het begin aan de stokken vastmaken en zelf komt men gemakkelijker in de buurt van onkruiden die in de buurt van de planten groeien. Wie het wat professioneler wil aanpakken kan kant en klare steunen kopen. Er zijn mooie ringen van kunststof of metaal in de handel. Alleen kopen en plaatsen is niet genoeg, men moet ook alert blijven en de planten regelmatig aanbinden.

Een makkelijke plant uit de moestuin:
De eerste groente die in de moestuin geoogst kan worden is rabarber. Rabarber is een vaste plant die zich aan het einde van het seizoen in de grond terugtrekt, maar elk jaar weer terugkomt. Bij rabarber is het belangrijk om de bloeistengel in een zo vroeg mogelijk stadium te verwijderen. Is de bloeistengel groot geworden, dan zullen de stengels harder worden en niet meer lekker smaken. De stengel wordt met een draai uit de plant verwijderd. Wanneer men de stengel afsnijdt blijft er een gedeelte zitten en dat zorgt voor de kans op rotting. De grote bladeren van de rabarber kan men op de composthoop gooien, maar men kan ze ook tussen de planten laten liggen en ook dan zullen ze verteren.




Week 14

img

De schaar erin:
Ik weet het. Op het moment dat ik dit schrijf loopt de natuur ongeveer veertien dagen achter ten opzichte van een normaal seizoen. De winterheide bloeit nog volop en de forsythia is nog helemaal geel gekleurd, maar….er komt een moment dat ze uitgebloeid raken en dan moeten ze gesnoeid worden. Winterheide moet jaarlijks in het voorjaar gesnoeid worden. Dit is om te voorkomen dat de struiken van onderen kaal worden. Dat ziet er in de zomer niet bepaald fraai uit. Snoeien gebeurt alleen in de weke delen. Snoei niet in het oude hout want dan lopen de planten niet meer uit. De takken die de volgende winter bloeien lopen in de zomer uit uit de slapende ogen van het nog kruidachtige gedeelte. Heide is een zuurminnende plant en een beetje turf tussen de planten strooien geeft een goede groei. Gesnoeid in het voorjaar worden ook Forsythia, Ribes, Japanse Kwee, Kerria e.d.

Zaaien in de volle grond:
In de maanden januari, februari en maart heeft men heel veel planten binnen kunnen voorzaaien. In de warme omgeving kiemt het zaad snel, maar dat heeft ook een nadeel. Vaak zijn de zaailingen heel iel en moet men ze voorzichtig vastpakken en door ze tussen twee vingers vast te pakken beschadigt men ze snel. Op de een of andere manier moeten ze uit het zaaibakje en in aparte potjes gezet worden en dan moeten de planten ook nog afgehard worden. Dat afharden is niet nodig wanneer men de zaden rechtstreeks in de volle grond zaait. Geschikt daarvoor zijn zinnia’s, zomerasters, leeuwenbekken, afrikaantjes en zonnebloemen. Vanaf half april kunnen deze planten buiten gezaaid worden. Wanneer men meerdere planten zaait is het handig dit goed aan te geven, zodat er geen puinhoop ontstaat. Het voordeel van deze zaailingen is dat men ze niet hoeft te pikeren. Aks de zaailingen wat groter zijn kan men ze uit de grond nemen en op een andere plaats planten. Heel makkelijk te zaaien zijn de zaden wanneer ze in een pilvorm verpakt zijn. Dan kan men zelfs de planten zaaien op de plek waar ze bedoeld zijn.

img

Zaaihulp:
Sommige zaden zijn zo fijn dat men ze nauwelijks ziet en dat geeft problemen met het zaaien. De zaden van begonia semperflorens zijn zo klein dat men al gauw te veel zaden op een vierkante decimeter strooit. Toch is er een gemakkelijke oplossing. Doe de zaden samen met heel fijn zand in een zakje, schud het geheel goed door elkaar en zaai dan. Door het fijnkorrelige volièrezand is de verhouding anders geworden en is de kans op te dik zaaien kleiner geworden. Het zand heeft ook nog als voordeel dat men duidelijk kan zien waar men gezaaid heeft.

Sterke zenuwen:
Inmiddels zijn we in april aangeland. Het weer in april kan nog alle kanten op. Het kan erg koud zijn, maar ook lekker warm. De eerste fuchsia’s en kuipplanten worden deze week verzorgd en na de verzorging blijven ze buiten staan. Lekker in de regen. Dat is vooral goed voor die planten die moeten uitlopen op het oude hout. Door de regen wordt de stam zachter en kost het de planten minder energie om uit te lopen. Toch levert het creëren van deze situatie de nodige spanningen op, immers april doet wat hij wil. Wanneer aprilletje zoet een witte hoed dreigt te geven heb ik werk en moeten al die vorstgevoelige planten nog voor een korte periode naar binnen.

Pelargoniums verzorgen:
De echte liefhebber heeft zijn pelargoniums of een gedeelte ervan laten overwinteren in huis op een koele lichte plaats. Of was de plaats toch niet zo koel en licht? Het gevolg is dat de planten zijn uitgelopen, maar dat de scheuten bleek van kleur en slap zijn. Nu is het tijd de planten weer tevoorschijn te halen en ze op een lichte, maar warme plaats te zetten zodat de scheuten, na teruggesnoeid te zijn op twee ogen, weer kunnen uitlopen en compacte planten kunnen vormen. De oude planten moeten verpot worden, want alle energie in de oude wortelkluit is op. Nu de planten warmer staan kunnen ze ook wat meer water gebruiken, maar al groeien ze nu uitstekend, naar buiten mogen ze nog niet.




Week 13

img

Exotisch en toch niet zo moeilijk.
Exotische planten worden in ons klimaat al gauw betiteld als zijnde zeer moeilijk te hebben en te houden. Zo’n exotische plant is de camellia. Veel plantenliefhebbers vinden het een moeilijke plant. Nu in maart staan de meeste camellia’s in bloei, mits…..ze op de juiste plaats en in de juiste grond staan. Op de juiste plaats betekent dat ze beschermd zijn tegen de zon en de uitdrogende oostenwind. In de juiste grond betekent dat de grond vrij zuur moet zijn en dat is te bereiken door het strooien van turf rond de plantvoet. Op deze manier behandeld bloeien de camellia’s die in de volle grond staan in het begin van het jaar volop. Ze kunnen matige tot strenge vorst verdragen al hebben planten die in de koude oostenwind staan een flinke tik van de winter gekregen. De bloemen zijn bevroren en de knoppen zijn beschadigd en dat betekent dat er minder bloemen te bewonderen zullen zijn. Ook aan de bladeren is hier en daar de tik van de winter te zien. Bladeren die gedeeltelijk bruin zijn geworden, maar geen nood de planten zullen snel herstellen. Erg geraakte bladeren zullen afvallen en daar komen wel weer nieuwe bladeren voor in de plaats. Camellia’s die in een kuip staan moeten de winter ergens binnen op een koele, lichte plaats doorbrengen of ze moeten goed beschermd worden door noppenfolie om de pot en vliesdoek rond de bladeren. Wanneer de wortelkluit in een ijsklomp verandert stikt de plant en gaat ze dood. Zet de plant niet direct van een warme naar een koude plaats, want dan zal knopval het gevolg zijn.

Langer licht:
In het weekend van 24 naar 25 maart verandert de wintertijd weer in de zomertijd. Dat betekent dat het ’s avonds weer een uur langer licht is. Het loont dan weer om na het avondeten nog wat in de tuin te gaan doen en wil men niets doen dan kan men op een zonnige lentedag lang van de zon genieten. In het voorjaar geeft de zon nog geen problemen,. Maar in de zomer kan het ’s middags erg warm worden voor de planten. De warmste periode ligt in de zomer tussen 13.00 en 16.00 uur. Bij zeer hoge temperaturen is het dan niet verstandig water en voeding te geven.

Maai niet te kort:
imgHet gras zal in deze periode wel al flink aan de groei zijn, dankzij de hoeveelheid regen en de temperatuur. De eerste maaibeurt niet te kort houden, zodat het gras nog wat beschermd is tegen de koude nachten. Het gras groeit al wel, maar langzaam. Voor de liefhebbers die krokussen en narcissen in het gazon hebben staan wordt het een moeilijke tijd wat betreft het maaien. Wil men volgend jaar ook weer genieten van de bloemen, dan mag het loof pas in mei gemaaid worden. Tot die tijd dienen de bladeren voor het maken van reserve voedsel. Dat wordt in de bollen opgeslagen om de planten het volgend jaar weer de kracht te geven te bloeien. Wanneer in het gras veel mos staat of wanneer de grasmat vervilt is kan men nog verticuteren. Plekken die tijdens het verticuteren kaal zijn geworden kan men nog inzaaien. Laat na het verticuteren het gras op krachten komen en maai pas weer na veertien dagen.

Beter in de herfst:
Door de warmere temperaturen zullen veel planten beginnen aan hun nieuwe groeiseizoen. Wanneer men in de herfst de vaste planten en de heesters niet verplant heeft kan dat nu nog gebeuren. De voorkeur gaat naar de herfst. Daarna komt de winter en zijn de planten in rust. Nu in het voorjaar begint het ook bij hun te kriebelen en hoe langer men wacht hoe meer moeite de planten hebben om door te groeien. Storingen door het verplaatsen en eventueel scheuren zijn niet welkom. Moet er in de tuin nog bij geplant worden dan kan dat door het kopen van containerplanten. ( planten in pot ) Containerplanten kunnen in principe het hele jaar door geplant worden.




Week 12

Bedrieglijk weer:
We waanden ons al in het voorjaar in de voorbije week, maar we komen bedrogen uit. De voorspellingen voor deze week zijn, voor wat het weer betreft, voor onze planten minder gunstig. Veel kuipplanten zijn na de vorstperiode weer buiten gezet, maar deze week kunnen ze de bescherming van folie, vliesdoek e.d. nog gebruiken. Belangrijk is dat de wortelkluit niet bevriest en omdat te voorkomen kan een aantal planten beter even binnen gezet worden, ook al is dat weer gesjouw. Toch is deze situatie niet vreemd, want tot en met april kunnen nog vorstnachten en sneeuwbuien voorkomen. Zet de zaaibakjes met zomerbloemen en de kweekbakjes met fuchsia- en kuipplantenstekken nog maar even op een warme plaats. De komende dagen is het in de kas te koud. Natuurlijk wachten we allemaal op het voorjaar, maar nu geduld hebben wordt later beloond.

img

Voorjaar:
Men zou het niet zeggen, maar op 20 maart begint het voorjaar. Op 19 maart ( Sint Joep) werd vroeger begonnen met het spitten en zaaien in de moestuin. “Sjpleetkeul” werd als eerste geplant en daarna volgden de tuinbonen, de spinazie, de veldsla en de erwten. Voor mensen met een moestuin is dat voor deze week toch geen goed idee. Het is te koud en zou men spitten dan werkt men de koude bovenlaag de grond in en het duurt dan weer even voordat de grond opgewarmd is. Als de grond straks wat opgewarmd is kan er gezaaid worden in de volle grond. Dan is het aan te raden niet teveel in een keer van een bepaalde groente te zaaien. Wanneer men in meerdere fases zaait kan men altijd over verse groente uit de tuin beschikken.

Help onze helpers:
Wie heeft er in zijn tuin geen last van slakken, rupsen e.d.? Vogels kunnen ons bij de bestrijding van deze parasieten helpen. Daarom is het belangrijk ervoor te zorgen dat er voldoende vogels in de tuin aanwezig zijn en wanneer ze in de tuin hun nest maken is dat voor de tuinier alleen maar van voordeel. Nestkastjes moeten dan wel voldoende schoon zijn, want wie wil er nu in een vies huis wonen? Eigenlijk kan men de nestkastjes het beste schoon maken na het broedseizoen. Veel vogels gaan al in de winter op onderzoek uit of overnachten al in een kastje. Dat geldt natuurlijk niet voor de trekvogels. Die komen wanneer het weer wat aangenamer wordt terug uit warmere streken en zoeken dan een plaats om te broeden. Ook het plaatsen van een insectenhotel kan voor de bloemen voordelen opleveren. Bijen, hommels, lieveheersbeestjes, zweefvliegen en gaasvliegen helpen bij de verzorging van de bloemen.

img

Fuchsia’s en kuipplanten:
Het is nog te vroeg voor deze planten om buiten gezet te worden. Toch kan men al een aantal werkzaamheden verrichten. Van de oudere fuchsia’s wordt de bovenlaag van de wortelkluit verwijderd en vervangen door nieuwe potgrond. Alvorens deze op de kale wortelkluit te strooien kan men wat beendermeel op de wortelkluit strooien en dan pas afdekken met nieuwe grond. Datzelfde geldt ook voor de kuipplanten. Van niet al te oude kuipplanten kan men de bovenlaag verversen en wanneer de plant uit de pot groeit kan ze verpot worden. Dat hoeft niet altijd een veel grotere pot te zijn. Van veel kuipplanten kan men de wortels inkorten zodat ze in dezelfde pot gezet kunnen worden. Ook kuipplanten mag men voorzien van extra voeding in de vorm van beendermeel. Dat gebeurt om de wortelvorming te bevorderen. Kijk naar het land van herkomst wat de kuipplanten betreft, want planten uit Australië hebben geen behoefte aan de fosfor die in beendermeel zit.

Toch nog snoeien:
Wanneer de vorst weer uit het land is kan nog een aantal planten gesnoeid worden. Dat betreft dan vooral heesters die in het voorjaar bloeien: Forsythia, Ribes, Kerria. en wie nog de vlinderstruik of de cornus of de pluimhortensia niet gesnoeid heeft kan dat nu nog doen. Ook kunnen nog planten verplant worden. Zorg er dan wel voor dat de wortelkluit voldoende groot is zodat de plant zonder vertraging verder kan groeien. Ook planten die opgekweekt zijn in potten kunnen nog volop geplant worden. ( als de vorst uit de grond is!) Ook vaste planten kunnen gescheurd en verplant worden. Zeker vaste planten die al enkele jaren op dezelfde plaats staan zijn vaak aan verplanting toe. Dat is zeker het geval wanneer het hart van de plant is afgestorven. Deze planten kan men het beste uit de grond halen en de jonge krachtige randen er af trekken en deze opnieuw planten. Een goede start geeft men de jonge planten door wat compost onder de grond te mengen. Het hart van de plant kan weggegooid worden.




Week 11

Het voorjaar komt:
Het voorjaar staat voor de deur. De eerste terugkerende kraanvogels zijn reeds gehoord en gezien. (5 maart). Tuinliefhebbers die veel in de tuin rondlopen kunnen het voorjaar ruiken en dat is geen sprookje. Door het opwarmen van de grond en het uitlopen van de planten verandert de geur in de tuin omdat veel bacteriën en micro-organismen in de grond aan het werk zijn. De warme lucht transporteert de geuren beter dan de koude lucht en de reeds bloeiende voorjaarsbloemen versterken de geur.

img

De aardbei:
Wanneer men in de zomer door de velden fietst komt men veel velden tegen waarop aardbeien geplant zijn. De zomerkoninkjes lokken je als het ware naar………maar het mag niet! In de rijen ziet men onder de struiken stro liggen. Dat stro heeft een functie. Ook in de eigen tuin kan men de aardbeien beschermen middels stro. Het stro zorgt ervoor dat de vruchten niet vies worden door opspattend water. Maar er is meer. De grond onder de strolaag blijft vochtig en daardoor kan het bodemleven zich beter ontwikkelen. Een beter bodemleven zorgt voor meer en betere vruchten. En omdat de bodem bedekt is met stro kunnen minder onkruiden groeien. Na de oogst kan men het stro in de grond spitten en wanneer men vooraf hoornspaanders over het stro heeft gestrooid komt er niet alleen stikstof in de grond, maar het vergaan van het stro gaat sneller, omdat voor dat verrotten stikstof nodig is

De beloning volgt in de zomer:
De vorstperiode is reeds enkele dagen voorbij, maar het duurde nog even voordat de vorst uit de grond was. Toen dat eindelijk het geval was begonnen veel planten aan hun herstel. Toch niet alleen de planten, ook de onkruiden. Besteed er in het voorjaar aandacht aan, want elk onkruidje dat men verwijdert kan in de zomer geen zaden produceren en spaart men dan tijd. Vooral wanneer het vochtig en warm is moet men het uitgeschoffelde onkruid oprapen. Laat men het liggen, dan zal het snel weer aan de groei gaan.

Een natte maart:
De maanden december, november en januari waren somber en kletsnat. Februari was zeer zonnig met een koud slot. Wanneer het in maart veel regent is dat niet goed voor het tuingebeuren. Men kan niet over de border lopen en door de regenval slaan de grondporiën dicht. Veel regen betekent dat de grond maar langzaam opwarmt en kiemplanten problemen krijgen. Aan de regenval kan men niet veel doen, maar wanneer de grond wat opgedroogd is kan men de bovenlaag losmaken, zodat er meer lucht in de grond komt en de capillaire werking onderbroken wordt. Belangrijk is dat men in die regenperiode de kuipplanten niet vergeet. Zorgen voor een goede drainage is het minste wat men kan doen. Soms kan men ze beter onder een afdak zetten.

img

Afharden:
Overwinterde knolbegonia’s, dahlia’s en canna’s beginnen weer tot leven te komen. De planten worden gecontroleerd op rottende delen. Mochten er plekken van rotting te zien zijn, dan kan men deze met een scherp mes verwijderen. Dahlia’s, knolbegonia’s en canna’s kan men gemakkelijk voortrekken. Men pot ze op in potgrond en wacht tot de groei erin zit. Als snel zullen de eerste uitlopers te zien zijn. Op dat moment hebben de planten meer licht nodig, want anders worden de scheuten slap en zijn ze ontvankelijk voor vooral luizen. Aan het eind van de maand kan men ze op een beschutte plaats buiten zetten, zodat de scheuten zich kunnen aanpassen aan de natuur. Toch is het nog oppassen geblazen, want april doet wat hij wil!




Helleborusssen:
Wanneer men helleborussen in de tuin heeft staan kan men de nieuwe plantjes zeker niet op de vingers van twee handen tellen. Helleborussen zijn koudkiemers en na de winter verschijnen er vele, vele zaailingen in de tuin. Wanneer de plantjes nog klein zijn kan men ze gemakkelijk verwijderen, maar wanneer ze wat groter zijn zitten ze vast in de grond. Het beste kan men een aantal plantjes voorzichtig uit de grond steken en oppotten. Wanneer de plantjes groot genoeg zijn kan men lege plekken in de tuin opvullen. Niet alle zaailingen zullen het volwassen stadium bereiken, want tussen de vele zaailingen zitten ook zwakke plantjes.




CookiesDisclaimer
Copyright © 2016 - 2018 Verenigde Fuchsia- en Kuipplanten Liefhebbers. Ontwikkelaar: Victor van Sloun.